Meng in een grote kom de bloem, zout en vanillesuiker.
Los de gist op in de lauwwarme melk en voeg toe aan de bloem.
Roer met een houten lepel of klopper tot een glad beslag. Dek af met een vochtige theedoek en laat 30 minuten rijzen op een warme plek.
3. Soezenbeslag maken:
Breng in een pannetje het water en de boter aan de kook. Zet het vuur laag en voeg in één keer de bloem toe.
Roer stevig door met een pollepel tot een samenhangend deeg dat loskomt van de pan.
Schep het deeg over in een kom en laat iets afkoelen.
Voeg beetje bij beetje het losgeklopte ei toe terwijl je blijft roeren. Het soezenbeslag is klaar wanneer het soepel en glanzend is.
4. Beslag combineren:
Roer na de eerste rijs het soezenbeslag door het bloembeslag.
Voeg de uitgelekte krenten, rozijnen, appel en eventueel sukade toe. Meng goed. Dek af met een vochtige theedoek en laat nogmaals 30-60 minuten rijzen tot het beslag in volume is verdubbeld.
5. Oliebollen bakken:
Verhit de zonnebloemolie in een frituurpan of diepe braadpan tot 180°C.
Gebruik een ijslepel of twee eetlepels om porties beslag te vormen en laat voorzichtig in de hete olie glijden. Bak maximaal 4 oliebollen tegelijk om plakken te voorkomen.
Bak de oliebollen 3-4 minuten per kant tot ze goudbruin zijn. Draai halverwege om indien nodig.
Haal de oliebollen uit de olie met een schuimspaan en laat uitlekken op keukenpapier.
6. Serveren:
Bestrooi vlak voor het serveren royaal met poedersuiker en geniet van deze heerlijke, luchtige traktatie.