Waarom Nederlandse vrouwen vooroplopen in de strijd voor gelijke lonen
Ondanks de vooruitgang in gendergelijkheid verdienen vrouwen in Nederland in 2023 gemiddeld nog steeds 7,4% minder dan mannen in vergelijkbare functies. Maar waar cijfers tekortschieten, nemen vrouwen het woord. Overal in het land staan ze op, spreken ze zich uit en eisen ze rechtvaardigheid op de werkvloer.
Voor vrouwen als Fatima (52), werkzaam in het onderwijs, is het verschil pijnlijk zichtbaar. “Mijn collega met exact dezelfde taken verdient 350 euro meer. Hij heeft geen kinderen, geen zorgtaken, maar krijgt meer waardering in loon.”
In sectoren zoals zorg, onderwijs en cultuur – waar vrouwen oververtegenwoordigd zijn – blijven lonen structureel achter. Bovendien komen vrouwen minder snel in aanmerking voor topfuncties of bonussen. Het ‘glazen plafond’ mag dan barsten, het ligt nog steeds hoog.
Maar steeds meer vrouwen mobiliseren zich. Via vakbonden, burgerinitiatieven, social media-campagnes en petities eisen ze transparantie in salarissen en gelijke beloning voor gelijk werk. De hashtag #GelijkeLonenNu groeide dit jaar uit tot een landelijke beweging.
Ook werkgevers zien in dat ongelijkheid niet langer verdedigbaar is. Bedrijven die actief investeren in gendergelijkheid trekken meer talent aan, verbeteren hun reputatie en verhogen de tevredenheid onder personeel.
Toch blijft er werk aan de winkel. Wetgeving omtrent loontransparantie is in Nederland nog vrijblijvend. In landen als IJsland is het al verplicht voor werkgevers om ongelijkheid te bewijzen en te corrigeren. Vrouwen eisen dat Nederland volgt.
“We willen geen voorrang,” zegt Anne (44), projectleider bij een bouwbedrijf. “We willen eerlijkheid. Een loonstrook die weerspiegelt wat we doen, niet wie we zijn.”
👉 Ben jij ooit geconfronteerd met ongelijke beloning? Deel je verhaal of steun de actie voor #GelijkeLonenNu.